Reuzen (ofwel: geloofshelden)

Ik schaam mij soms als ik de verhalen lees van vervolgde christenen. Wat een geloofshelden! Wat zijn zij sterk! Ik zou nooit zo dapper, volhardend of vrijmoedig zijn. Ik betwijfel zelfs of mijn geloof zulke omstandigheden zou overleven…”
Herkent u deze gedachten? Dan bent u niet de enige! We komen dit soort reacties vaak tegen wanneer we spreken of schrijven over onze vervolgde broeders en zusters. We zien vervolgde christenen als een soort geloofsreuzen, die zelfs in de bitterste ellende krachtig en vreugdevol de omstandigheden het hoofd bieden en vol overtuiging hun vervolgers vergeven.
Hoe meer we hun verhalen lezen, hoe groter deze geloofsreuzen worden – en hoe kleiner wij onszelf voelen. Neem bijvoorbeeld David Shestakov uit Oezbekistan. Wanneer hij in de gevangenis een Nieuwe Testament ontdekt, is hij overweldigd door geluk. Hij koestert het boekje als een kostbare schat. Dan denk ik – en u wellicht ook – aan de verschillende Bijbels in mijn huis. Hoe waardevol is Gods Woord voor mij? Zou ik in Davids situatie net zo reageren? Het is goed om onszelf zulke vragen te stellen.
Natuurlijk inspireren de verhalen van vervolgde christenen ons. Maar laten we ervoor waken dat we vervolgde christenen op een voetstuk plaatsen. Daarmee komen ze alleen maar verder van ons af te staan. Terwijl we juist naast ze willen staan. Vervolgde christenen zijn net als wij mensen van vlees en bloed. Net als wij kennen ze angst, onzekerheid, wanhoop en teleurstelling. Maar ook zwakheid, zonde en worstelingen. Laten we onze vervolgde broeders en zusters niet verheerlijken, maar liever Degene verheerlijken die hen de kracht geeft! Want dat is waar het om gaat: wanneer we in de levens van vervolgde christenen moed, volharding of vergeving zien, dan zien we rechtstreeks de kracht van Christus aan het werk.
Paulus heeft “behagen in zwakheden: in smadelijke behandelingen, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus’ wil. Want wanneer ik zwak ben, dan ben ik machtig.” (2 Kor 12:10). In het vers ervoor legt hij uit dat het niet zijn kracht, maar Christus’ kracht is die in hem woont. De kreupelen, blinden en verlamden werden aan de voeten van Jezus gelegd. Terwijl Martha werkte, zat Maria – met lege handen – aan de voeten van Jezus.
De broeders en zusters tegen wie wij misschien zo opkijken, zijn geen ‘superchristenen’ die op een voetstuk staan. Het zijn zwakke, kwetsbare mensen, die leren om aan de voeten van Jezus te zitten en op Zijn kracht te vertrouwen. Als we onszelf vragen ‘Wat zou ik doen…?’, zou het antwoord een tegenvraag moeten zijn: ‘Wat kan Híj doen in mij?’. Die vraag is net zo relevant voor vervolgde christenen als voor ons.

Bron: Harm, SDOK, 7-1-2013

Advertenties

Over De Eindtijdbode

Een 'roepende in de woestijn' die 'de bazuin blaast' om velen (via GRATIS Bijbelstudies) te tonen "de dingen die - volgens Gods plan - spoedig geschieden zullen". Volgens Openbaring 1 vers 1, 10 en 19.
Dit bericht werd geplaatst in Christenvervolging, Voor u gelezen en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s